Vogelnest onder zonnepanelen voorkomen

Waarschijnlijk vraag je je af waarom vogels zich graag nestelen onder zonnepanelen? Als het winter is kunnen zij zich warm houden onder de panelen, maar als het zomer is verbergen de vogels zich juist voor de zon. Daarnaast is het een ideale schuilplaats tegen roofdieren. Omdat de zonnepanelen nooit helemaal strak tegen het dak liggen, is er dus veel ruimte en kunnen de vogels daar makkelijk een nestje bouwen. Mussen, kraaien en duiven zijn allemaal gek op een plekje onder de zonnepanelen. Naast vogelpoep gebruiken de vogels verschillende materialen om een nestje te kunnen bouwen takken, karton, plastic, papier etc. Ze gebruiken van alles om een nestje te kunnen bouwen. De bouwmateriaal die ze gebruiken is brandgevaarlijk.

Nadelen vogelnest zonnepanelen

  • Geluidsoverlast onder het dak
  • Rommel in de dakgoot met als gevolg: verstopping
  • Zonnepanelen kunnen niet ventileren
  • Vogelpoep onder de panelen, waardoor de energieopbrengst wordt verminderd
  • De materialen die zij gebruiken om een nestje te bouwen zijn brandgevaarlijk
  • De vogelnesten trekken insecten aan

Let op! Tussen 15 maart en 15 juli is het broedseizoen. Het nest mag dan niet verwijderd worden.

Zo voorkom je vogelnesten onder zonnepanelen

  • Borstels onder de panelen: ventileren is van groot belang voor zonnepanelen. Hoe warmer de panelen worden, hoe lager het rendement. Doordat er nestjes onder de zonnepanelen worden gebouwd, bemoeilijkt dat de ventilatie. Als er borstels onder de panelen worden geplaatst kunnen de vogels niet onder de zonnepaneel komen.
  • Met gaas: dit heeft dezelfde werking als de borstels.
  • Met netten
  • Met duivenpinnen

Bron: Zonnepanelen

 

Regeling voor huurverlaging 2021

U huurt bij een woningcorporatie. En betaalt u te veel huur voor uw inkomen? Dan komt u in 2021 wellicht in aanmerking voor een éénmalige regeling voor huurverlaging. Door deze regeling doet de woningcorporatie u in 2021 zelf een voorstel tot huurverlaging. Dat doet ze als uw inkomen in 2019 (2 jaar eerder) laag was. Is uw inkomen pas na 2019 gedaald? Dan moet u zelf in actie komen. Deze regeling staat los van de andere redenen om huurverlaging aan te vragen.

Hoe vraag ik de huurverlaging via de speciale regeling aan?

Er zijn 2 manieren:

  1. Had u in 2019 een laag inkomen? Dan stelt de woningcorporatie de huurverlaging zelf aan u voor.
  2. Is uw inkomen na 2019 gedaald? Dan moet u de huurverlaging zelf aanvragen.

Manier 1: De woningcorporatie stelt zelf huurverlaging voor

Woont u in een woning van een woningcorporatie? Dan kan de woningcorporatie u zelf een voorstel voor huurverlaging doen. Dat gebeurt als uw een laag inkomen heeft. En u gezien uw inkomen een hoge huur betaalt.

Kale huur voor recht op huurverlaging 
Woonsituatie Kale huur voor mogelijk recht op huurverlaging
U woont met maximaal 2 personen € 633,25 of hoger
U woont met 3 of meer personen € 678,66 of hoger

Woningcorporaties doen u voor 1 april 2021 een voorstel

Zou u met uw kale huur recht kunnen hebben op huurverlaging? Dan gaat uw woningcorporatie controleren of u een laag inkomen heeft. Dat doet ze bij de Belastingdienst. Het gaat dan om uw inkomen in 2019. De Belastingdienst geeft niet door hoe hoog uw inkomen was. Alleen of het een “laag inkomen” of “geen laag inkomen” is. Of dat het inkomen niet bekend is bij de Belastingdienst.

Heeft u een laag inkomen? En is uw kale huur gezien uw inkomen te hoog. Dan moet uw  woningcorporatie u voor 1 april 2021 een huurverlaging voorstellen.

Hieronder ziet u in welke gevallen u huurverlaging krijgt en naar welke huurprijs.

Recht op huurverlaging
Uw huishouden Inkomensgrens, uw gezamenlijk inkomen is niet hoger dan Huurverlaging naar
Huishouden van 1 persoon, die geen AOW krijgt € 23.725 € 633,25
Huishouden van 1 persoon, die AOW krijgt € 23.650 € 633,25
Huishouden van 2 personen, die allebei geen AOW krijgen € 32.200 € 633,25
Huishouden van 2 personen, van wie minimaal 1 persoon AOW krijgt € 32.075 € 633,25
Huishouden van 3 of meer personen, die allemaal geen AOW krijgen € 32.200 € 678,66
Huishouden van 3 of meer personen, van wie minimaal 1 persoon AOW krijgt € 32.075 € 678,66

Voor uw huishouden tellen al uw huisgenoten mee. Ook kinderen die thuis wonen. Gaat het om kinderen tot 27 jaar? Dan telt hun inkomen niet mee. Maar ze tellen voor de grootte van het huishouden dus wel mee.

Woningcorporatie stuurt geen voorstel huurverlaging

Stuurt de woningcorporatie u voor 1 april 2021 geen voorstel voor huurverlaging? En denkt u daar vanwege uw inkomen in 2019 wel recht op te hebben? Neem contact met uw woningcorporatie. Reageert uw woningcorporatie niet? Of wijst ze uw verzoek af? Neem dan contact op met de Huurcommissie. Dat kan tot 12 mei 2021.

Woningcorporatie stuurt verkeerd voorstel huurverlaging
Stuurt uw woningcorporatie wel voor 1 april 2021 een voorstel voor huurverlaging? Maar bent u het niet eens met het voorstel? Ook dan stapt u naar de Huurcommissie. Daarvoor heeft u 6 weken de tijd. Gerekend vanaf de voorgestelde ingangsdatum van de huurverlaging.

  • Gaat de huurverlaging op 1 april 2021 in? Dan heeft u tot uiterlijk 12 mei 2021 de tijd om te reageren.
  • Gaat de huurverlaging op 1 mei 2021 in?  Dan heeft u tot uiterlijk 12 juni 2021 de tijd om te reageren.

Manier 2: U vraagt huurverlaging zelf aan
Was uw gezamenlijk inkomen in 2019 niet laag? Maar is het daarna gedaald? Dan kunt u in 2021 zelf om huurverlaging vragen aan de woningcorporatie. Uw kale huur moet wel hoger zijn dan € 633,25. Dat is het geval als u met maximaal 2 personen woont. Woont u met 3 of meer personen? Dan moet uw kale huur hoger zijn dan € 678,66.

U moet kunnen bewijzen dat uw gezamenlijk inkomen in de laatste 6 maanden laag is. Dit betekent: niet hoger dan de helft van de inkomensgrens voor uw huishoudsituatie. In de tabel staan de inkomens per jaar. Daarom moet u de helft van het inkomen nemen als u checkt of uw inkomen over de laatste 6 maanden voldoet aan de inkomensgrens.

Recht op huurverlaging
Uw huishouden Inkomensgrens, uw gezamenlijk inkomen is niet hoger dan Huurverlaging naar
Huishouden van 1 persoon, die geen AOW krijgt € 23.725 € 633,25
Huishouden van 1 persoon, die AOW krijgt € 23.650 € 633,25
Huishouden van 2 personen, die allebei geen AOW krijgen € 32.200 € 633,25
Huishouden van 2 personen, van wie minimaal 1 persoon AOW krijgt € 32.075 € 633,25
Huishouden van 3 of meer personen, die allemaal geen AOW krijgen € 32.200 € 678,66
Huishouden van 3 of meer personen, van wie minimaal 1 persoon AOW krijgt € 32.075 € 678,66

Een rekenvoorbeeld:
u woont alleen in een sociale huurwoning. Uw kale huurprijs is € 700. Uw inkomen was in 2019 hoger, maar is sinds het begin van corona gedaald. De afgelopen zes maanden verdiende u in totaal €10.000. Krijgt u de huurverlaging? Ja, u krijgt de huurverlaging als u hem aanvraagt omdat:

    • uw kale huurprijs boven de € 633,25 ligt
    • Uw inkomen laag was de afgelopen zes maanden: minder dan de helft van € 23.725

Eisen aan verzoek huurverlaging< style=”font-size: 12pt;”>Wat moet u dan naar de woningcorporatie sturen?

      • Een door u ondertekende verklaring over uw huishouden:
        • totaal aantal personen;
        • aantal inwonende kinderen;
        • leeftijden van die kinderen.
      • Een bewijs van het inkomen over de afgelopen 6 maanden. Van alle bewoners, behalve inwonende kinderen tot 27 jaar. Dit kan zijn:
        • salarisstroken;
        • overzicht van uw uitkering;
        • als u zzp’er bent, een verklaring van een boekhouder.

Woningcorporatie reageert niet op tijd op verzoek huurverlaging

Doet de woningcorporatie u niet binnen 3 weken een voorstel? En u denkt daar wel recht op te hebben? Dan kunt u naar de Huurcommissie stappen. Dat kan dan tot uiterlijk 9 weken na uw huurverlagingsverzoek.

Stuurt uw woningcorporatie wel binnen 3 weken een voorstel voor huurverlaging? Maar bent u het niet eens met het voorstel? Ook dan stapt u naar de Huurcommissie. Daarvoor heeft u 6 weken de tijd. Gerekend vanaf de voorgestelde ingangsdatum van de huurverlaging.

U stuurt dan dezelfde bewijzen mee. De bewijzen die u eerder naar uw woningcorporatie heeft gestuurd.

Controleer de gevolgen voor uw huurtoeslag
Gaat uw huur omlaag, dan krijgt u minder huurtoeslag. Maar als uw inkomen ook gedaald is, krijgt u misschien juist meer huurtoeslag. Of u krijgt voor het eerst huurtoeslag. Bijvoorbeeld omdat uw huur nu laag genoeg is. U kunt een proefberekening voor toeslagen maken bij de Belastingdienst.

Geef uw nieuwe huur en uw mogelijk gewijzigde inkomen door aan Belastingdienst/Toeslagen. Dat doet u via toeslagen.nl. U voorkomt hiermee dat u mogelijk later huurtoeslag moet terugbetalen. De woningcorporatie geeft uw huurverlaging ook door aan de Belastingdienst.

Na huurverlaging geen huurverhoging in hetzelfde jaar
Heeft u een huurverlaging gehad, omdat u een laag inkomen heeft? Dan mag de woningcorporatie de huur niet in hetzelfde kalenderjaar weer verhogen. Het maakt niet uit of de woningcorporatie u uit zichzelf een huurverlaging heeft voorgesteld.  Of dat u om huurverlaging heeft gevraagd.

U huurt niet van een woningcorporatie

Huurt u niet van een woningcorporatie? Of huurt u een vrije sectorwoning van een woningcorporatie? Dan heeft u geen recht op deze huurverlaging.
Deze huurverlaging geldt alleen voor huurders van een sociale huurwoning van een woningcorporatie.

Woont u in een particuliere sociale huurwoning? Dan kunt u wel om andere  redenen  huurverlaging aanvragen.

Bron: Rijksoverheid

Huurbevriezing voor sociale huurders in 2021

De Woonbond is blij met de huurbevriezing voor sociale huurders bij corporaties en commerciële verhuurders. Woensdag 17 februari maakte minister Ollongren bekend de huren voor deze huurders te bevriezen.

De huurbevriezing geldt voor alle sociale huurders. Ook de inkomensafhankelijke huurverhoging gaat daarmee dit jaar niet door. Kamerbewoners krijgen ook geen huurverhoging dit jaar. SP-Kamerlid Sandra Beckerman diende een motie voor huurbevriezing in. Vandaag maakte minister Ollongren bekend deze aangenomen motie uit te voeren én corporaties te compenseren.

Helft huurders heeft het financieel moeilijk
‘Goed nieuws voor huurders,’ zegt Woonbonddirecteur Zeno Winkels. ‘In 2019 becijferde het NIBUD al dat de helft van de huurders het financieel moeilijk heeft. Onder drie kabinetten Rutte stegen de woonlasten fors en bleven de inkomens achter. Goed dat er nu in een begin wordt gemaakt met de reparatie.’ De Woonbond bracht eerder al eens naar buiten dat huurprijzen met 35 procent zijn gestegen onder de kabinetten Rutte.

Bouw sociale huurwoningen
Winkels: ‘Daarnaast is het goed dat corporaties hiervoor worden gecompenseerd met een korting op de verhuurderheffing. Er moeten veel sociale huurwoningen worden bijgebouwd, daar staat die heffing enorm in de weg.’ De Woonbond wil dat een komend kabinet de verhuurderheffing helemaal afschaft. De heffing die in 2013 is ingevoerd heeft corporaties en daarmee hun huurders inmiddels al meer dan 10 miljard euro gekost.

Bron: Woonbond

Kerstreces

 

Het bestuur van huurdersbelang houdt een Kerstreces van:

donderdag 17 december 2020

          tot

maandag 11 januari 2021

 

Vanaf dinsdag 12 januari staan wij weer voor u klaar.

 

Het Bestuur

 

Groen Wonen Vlist zoekt nieuwe directeur-bestuurder

Na 10 jaar gaat de huidige directeur-bestuurder Jacques Reniers per december 2020 een nieuwe uitdaging aan bij een andere corporatie. Inmiddels is er een interim directeur-bestuurder aangesteld die ter overbugging zal aanblijven totdat de nieuwe directeur-bestuurder in dienst komt.

Voor de opvolging van Jacques Reniers  is Groen Wonen Vlist in samenwerking met Public Spirit op zoek naar een directeur-bestuurder met hart voor de volkshuisvesting.

Heeft u interesse en wilt u meer weten over de functie, bekijk hier de uitgebreide beschrijving van de functie of neem contact op met Patrick Beterams (voor inhoudelijke vragen) of Aukje Beijer (voor vragen over de sollicitatieprocedure) via 033-445 95 22 of .
bron: Groen Wonen Vlist

Tiny houses: big problems

Ze zijn flexibel en worden steeds meer ingezet om te voldoen aan een lokale en/of tijdelijke volkshuisvestelijke behoefte: tiny houses. Het verhuren van tiny houses als (sociale) woonruimte, al of niet tijdelijk, roept wel een aantal belangrijke vragen op. Daarbij komen veel verschillende juridische onderwerpen samen.

In de wens om een (tijdelijk) verhuurproject te laten slagen wordt de meest fundamentele vraag weleens uit het oog verloren: zijn de betreffende tiny houses roerend of onroerend? Met die fundamentele vraag hangen namelijk huurrechtelijke, volkshuisvestelijke, fiscaalrechtelijke, bouwrechtelijke en omgevingsrechtelijke vragen samen. Bij de realisatie van dit soort (tijdelijke) projecten wordt ook vaak de flexibiliteit van de woonvorm benadrukt en dan komt die belangrijke vraag of tiny houses onroerend zijn eens te meer bovendrijven.

Roerend of onroerend
Hoe wordt bepaald of een object roerend of onroerend is? De wet geeft het antwoord in artikel 3:3 lid 1 BW: onroerend zijn gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd. Maar wanneer is een gebouw duurzaam met de grond verenigd? Richtinggevend is het arrest van de Hoge Raad van 31 oktober 1997 (NJ 1998, 97). In die procedure ging het om de vraag of een portacabin duurzaam met de grond verenigd was. Het aspect dat getoetst moet worden is, kort samengevat, of het gebouw naar aard en inrichting bestemd is om duurzaam ter plaatse te blijven. Om dat te kunnen beoordelen gaat het om de bedoeling van de bouwer voor zover deze naar buiten kenbaar is. Bij deze toetsnorm valt dus op dat niet van belang is dat technisch de mogelijkheid bestaat om het bouwsel te verplaatsen. Bij de beoordeling kunnen verkeersopvattingen een rol spelen indien onzekerheid bestaat over de vraag of een object onroerend is, maar die verkeersopvattingen zijn geen zelfstandige maatstaf.

Uiteindelijk was de betreffende portacabin een onroerende zaak, onder meer omdat die:

  • visueel met een schutting was verbonden aan het naastgelegen gebouw;
  • was voorzien van een (demonteerbare) plint aan de onderzijde die tot (in) de grond reikte en één visueel geheel met de grond vormde;
  • rondom voorzien was van een goed onderhouden tuin;
  • een aparte ingang had, bereikbaar via een tegelpad;
  • aangesloten was op gas, water, licht, riool en telefoon;
  • op aandringen van de bank was bezwaard met een recht van hypotheek (welk recht alleen op onroerende zaken kan worden gevestigd);
  • fundatie had in betonpoeren en een stalen frame

Het spreekt voor zich dat precies deze vragen zich ook voordoen bij de ontwikkeling en realisatie van tiny houses. Het antwoord op de vraag of een tiny house roerend of onroerend is, is van belang voor veel andere vraagstukken op meerdere rechtsgebieden; enkele daarvan passeren de revue.

Huurtoeslag en betaalbaarheid
Woningcorporaties hebben als primaire doelstelling het bieden van betaalbare woningen voor mensen die door hun inkomen moeilijkheden ondervinden bij het vinden van passende huisvesting (art. 46 lid 1 sub a Woningwet). Mede daarom is voor woningcorporaties van belang of de huurder in aanmerking kan komen voor huurtoeslag. Het recht op huurtoeslag bestaat alleen indien sprake is van een gebouwde onroerende zaak (art. 1 sub k Wht). In dit verband is dus het belang van de vraag “roerend of onroerend” gegeven.

Invloed van publiekrechtelijke bestemming op ‘duurzaamheid’
Tiny houses worden in de praktijk gerealiseerd voor huisvesting op een bepaalde plaats die tijdelijk van aard is. Dat kan samenhangen met de publiekrechtelijke bestemming van de grond en eventuele beperkingen aan omgevingsvergunningen. Daarmee kan samenhangen de vraag of de gerealiseerde huisvesting wel bedoeld is om duurzaam ter plaatse te blijven, een en ander afhankelijk van de precieze omstandigheden. Uit het Portacabin-arrest volgt dat de vraag of het object gebouwd is om duurzaam ter plaatse te blijven van belang is om te bepalen dat object onroerend is.

Tijdelijke verhuur: de (on)mogelijkheden; verhuiskostenvergoeding
In de meeste situaties is tijdelijk verhuren niet de norm en ook niet mogelijk voor woningcorporaties. Dat kan uitdagingen opleveren als het woonproject wel tijdelijk van aard is: hoe neemt de verhuurder afscheid van haar huurders, als het einde van het project nadert? De verhuurder zal dan de huur officieel moeten opzeggen. Aangenomen dat daar een wettelijke grondslag voor bestaat (dringend eigen gebruik of verwezenlijking van een bestemmingsplan) brengt dat waarschijnlijk wel een verplichting met zich tot betaling van de verhuiskostenvergoeding van ruim € 6.000,-.

Enkel onder bepaalde voorwaarden mag een woningcorporatie zelfstandige woningen – dus: onroerende woningen – tijdelijk verhuren. Dit volgt uit artikel 48 Woningwet en artikel 22a RTIV: het moet dan gaan om bepaalde mensen uit een doelgroep (bijvoorbeeld studenten/werknemers die tijdelijke elders verblijven, mensen uit detentie of maatschappelijke opvang, tweede- en laatstekanscontracten). Een tiny house kan niet tijdelijk worden verhuurd als woonruimte als het niet onroerend is. In theorie is het dan wel mogelijk dat het object als roerende zaak wordt verhuurd, maar dan kan de huurder als gezegd weer niet in aanmerking komen voor huurtoeslag.

Bepaling huurprijs en woningwaardering
Een tiny house krijgt een bepaalde huurprijs. Maar hoe wordt die gewaardeerd? Ook hier is van belang of sprake is van een (on)zelfstandige – dus: onroerende – woning. Zou dat niet het geval zijn, dan geldt er namelijk ook geen woningwaarderingsstelsel (art. 10 lid 1 Uhw io. art. 5 lid 1 Bhw).

Overigens is er voor (roerende) woonwagens ook een waarderingsstelsel, maar al aangenomen dat een (roerend) tiny house juridisch als woonwagen kwalificeert, zal het verouderde en simplistische waarderingsstelsel voor woonwagens in de praktijk onvoldoende recht doen aan de woningkwaliteit.

Verhuurderheffing – of vrijstelling daarvan?
Op grond van de Wet maatregelen woningmarkt 2014 wordt in principe verhuurderheffing geheven van degene die het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht van meer dan vijftig ‘huurwoningen’. Een huurwoning is in de Wet maatregelen woningmarkt 2014 II gedefinieerd als onroerend (art. 1.2 sub e). Als een tiny house onroerend is, telt deze in principe mee voor de verhuurderheffing – maar (onder voorwaarden) niet als een omgevingsvergunning voor maximaal 15 jaar is verleend voor een tijdelijk bouwwerk. Bij tijdelijke woonprojecten scheelt het natuurlijk in de lasten als op deze ‘vrijstelling’ met succes een beroep kan worden gedaan. Echter, daar ontstaat dan wel een spanningsveld tussen een tijdelijk bouwwerk (ten behoeve van die vrijstelling) en de bedoeling van de bouwer die het object naar aard en inrichting bestemd heeft om duurzaam ter plaatse te blijven.

BTW: andere toetsnorm (on)roerend
Voor de BTW wordt op basis van een andere norm bepaald of een object roerend of onroerend is (wat onder meer van belang is voor de vraag of de verhuur met BTW belast is). Voor de BTW draait het om de vraag of het betreffende object niet gemakkelijk te demonteren of te verplaatsen is. Met dat criterium wordt bedoeld dat het object met behoud van de oorspronkelijke functie alleen met een aanzienlijke inzet van materiaal en/of menskracht is te demonteren of te verplaatsen. Ook hier doet zich een spanningsveld voor bij de vraag of de verhuur van tiny houses een met BTW belaste prestatie is, zeker wanneer gekozen wordt voor woningen die flexibel inzetbaar en dus gemakkelijk verplaatsbaar zijn.

Afsluiting: big problems voorkomen
Uit het voorgaande blijkt dat de realisatie en verhuring van tiny houses als (tijdelijke) sociale woonruimte een aantal fundamentele vragen oproept. Een multidisciplinair advies over huurrechtelijke, volkshuisvestelijke, fiscaalrechtelijke, bouwrechtelijke en omgevingsrechtelijke factoren kan daarbij nodig zijn. VBTM Advocaten heeft als specialisme om toegelaten instellingen en institutionele verhuurders te adviseren. Wij voorzien u graag desgewenst van nader advies bij de realisatie en verhuring van tiny houses of andere flexibele woonvormen.

Tijdig advies kan nuttig zijn om big problems te voorkomen.

Bron: Pepijn Eymaal

 

Pas op voor nep-bericht WoningNet

Pas op voor nep-bericht Woningnet

Er gaan e-mails rond waarin door een onbekende partij ten onrechte de naam WoningNet wordt gebruikt. In het bericht staat dat u verleningskosten van uw inschrijving bij WoningNet moet betalen. Volgens het bericht kunt u de betaling doen door op de link in de tekst te klikken. Wij adviseren u dringend om niet op de link te klikken en de zender te blokkeren.

U kunt de mail herkennen aan het feit dat de mail begint zonder de juiste aanhef, de WoningNet regio wordt niet genoemd, deze spelfouten heeft in de tekst en een verkeerd factuurnummer.

Naast e-mails worden er ook sms-berichten gestuurd met daarin hetzelfde verzoek (verleningskosten betalen). Let op: WoningNet stuurt nooit sms-berichten!

Meer informatie kunt u vinden ophttps://www.woningnetregiomiddenholland.nl/Nieuws/Phishing%20berichten

Huurdersbelang Haastrecht Stolwijk Vlist

 

Problematiek veenweidegebieden opgepakt

Ook belangrijk nieuws voor de (gezondheid) van bewoners van de huurwoningen van Groen Wonen Vlist. Onderhoud en instandhouding van de huurwoningen, hoogte waterpeil, oxidatie van het veen, verzakkingen, broeikasgassen, landbouw, natuur, alles heeft met elkaar te maken.

Het ministerie LNV stelt in het kader van het Klimaatakkoord 100 miljoen euro beschikbaar om de problematiek in veenweidegebieden aan te pakken.

De regeling vanuit het ministerie om diverse veenweideprogramma’s een impuls te geven, staat nu open voor de provincies die gezamenlijk zelf ook 105 miljoen euro bijdragen. Hiermee worden de meest urgente gebieden qua bodemdaling aangepakt om klimaatwinst te boeken in combinatie met een toekomstbestendige landbouw en meer biodiversiteit. Het Rijk en de provincies trekken hierin op met landbouw- en natuurorganisaties, de waterschappen en gemeenten.

De kunstmatig lage waterstand in veenweidegebieden zorgt voor oxidatie van het veen en dat leidt tot extra uitstoot van broeikasgassen en tot bodemdaling. Het waterpeil verhogen in veenweidegebied heeft grote gevolgen voor agrariërs, hogere waterpeilen vragen om een andere bedrijfsvoering. Op te natte gronden zakken koeien en machines weg en is de grasopbrengst minder.

Verschillende regio’s in veenweideprovincies Friesland, Groningen, Noord- en Zuid-Holland, Overijssel en Utrecht vragen elk om eigen maatregelen. Onderzoek is nodig om te kunnen bepalen welke oplossing in welk gebied het beste is. In de veenweidegebieden komen verschillende maatschappelijke opgaves samen op het gebied van landbouw, klimaat, natuur- en biodiversiteit en de gevolgen van bodemdaling op bijvoorbeeld woningen.

Oplossingsrichtingen om boeren in veenweidegebied een duurzame toekomst te geven, liggen in de ontwikkeling van bijvoorbeeld nieuwe water infiltratie technieken, natuurinclusieve kringlooplandbouw met extensivering en mogelijk de ontwikkeling van natte teelten.

Bron: vngnieuws.nl 

Ingezonden brief van Huurdersbelang Haastrecht, Stolwijk, Vlist.

Laat de politiek in de  Krimpenerwaard de huurders in Haastrecht in de kou staan?

Enige weken geleden is er schot gekomen in de (al tientallen jaren slepende) plannen omtrent de herontwikkeling van een gedeelte van het (bedrijven) terrein Galgoord en Kleine Betuwe in Haastrecht. Dat is heel goed nieuws omdat dit een enorme positieve impuls geeft aan de leefbaarheid van Haastrecht. Huurdersbelang is blij met dit ambitieuze maar ook gecompliceerde plan.

Recent is door het college van b. en w. van de gemeente Krimpenerwaard en projectontwikkelaar Adriaan van Erk  de raadscommissie geïnformeerd. Daaraan voorafgaande zijn enkele geselecteerde belanghebbenden (o.a. ondernemers en omwonenden) in een informatiebijeenkomst op de hoogte gesteld van de inhoud van het herontwikkelingsplan.

Groen Wonen Vlist en Huurdersbelang waren voor deze bijeenkomsten NIET geselecteerd en ook niet uitgenodigd. Merkwaardig, mede in het licht van de al vele jaren geleden herhaaldelijk uitgesproken wens om ook sociale huurwoningen in de herontwikkeling op te nemen.

Die woningen zien wij echter, tot nu toe, niet terug in het plan en ook niet in de uitlatingen (zie AD 17-10-2020) over dit plan door de verantwoordelijk wethouder. Dit is natuurlijk, om het netjes te zeggen, heel teleurstellend voor alle (toekomstige) huurders in Haastrecht.

Groen Wonen Vlist heeft in genoemd AD-artikel gepleit voor ‘zeker twintig sociale huurwoningen op het terrein’. Huurdersbelang gaat voor minimaal 30 à 35% van de beoogde 180 woningen. Een percentage dat veel gemeenten toepassen bij dit soort plannen. En zò hoort het ook.

Omdat zowel Huurdersbelang alsmede woningcorporatie Groen Wonen Vlist buitengewoon ongerust zijn over het ontbreken van sociale huurwoningen geeft Huurdersbelang nu al aan dat wij zullen blijven strijden (als dit noodzakelijk is tot in hoogste instantie) om door Groen Wonen Vlist betaalbare en duurzame sociale huurwoningen in dit gebied te laten bouwen.

Waarom? Nou dat is heel simpel.

Niet iedere Haastrechtse woningzoekende kan namelijk een koopwoning in dit gebied betalen. Gelet op de gemiddelde leeftijd van de bewoners van huurwoningen in Haastrecht is dit ook voor doorstromers van huur naar koop heel vaak niet haalbaar. Dit argument kan dus naar de prullenmand.

Om het geheugen van diegenen die straks een beslissing over het plan moeten nemen nog even op te frissen:
In het besluit van de gemeenteraad van 30 januari 2018 staat:
‘Bij de uitwerking van het woningbouwprogramma te betrekken de behoefte aan woningen voor gezinnen en starters’ Uiteraard betreft dit zowel kopers en huurders. Nergens staat in het raadsbesluit opgenomen dat dit een EXCLUSIEVE wijk moet worden met alleen koopwoningen. 

Dit zou ook niet passen in een inclusieve samenleving waar anno 2020 in ons stedeke Haastrecht voor iedereen een plek is en waarvoor velen zich inspannen, juist in deze moeilijke tijd.

Huurdersbelang is benieuwd of de politieke partijen in de Krimpenerwaardse gemeenteraad zich op 1 en 15 december 2020 sterk gaan maken voor de Haastrechtse huurders of dat de raad de huurders/ woningzoekenden die zijn aangewezen op een sociale huurwoning in de kou laat staan en akkoord gaat met het exclusief realiseren van alleen (dure) koopwoningen op Galgoord/Kleine Betuwe.

Het Bestuur van Huurdersbelang Haastrecht, Stolwijk, Vlist.